Klap

11Q1-paleolev-a
Infrarood-opname van Paleo-Leviticus (foto: IAA, maatbalkje door mijzelf verplaatst)

Afgelopen weekeinde bracht ik een bezoek aan de tentoonstelling over de Dode Zeerollen in het Drenths Museum in Assen. Het archeologische deel van die tentoonstelling geeft een bijzonder mooie inkijk in de wereld waarin deze oude teksten zijn opgeschreven, maar de rollen zelf zijn wat ondervertegenwoordigd. Er zijn zestien fragmenten uitgeleend en daarvan zijn er slechts acht te zien. Dat wordt deels goed gemaakt door een onderdeel van de tenstoonstelling waarin het onderzoek naar de Dode Zeerollen zeer uitgebreid wordt toegelicht aan de hand van niet-oorspronkelijk materiaal zoals replica’s en foto’s. Ik kan u een bezoek aanraden, u heeft tot 5 januari nog de tijd.

Maar als Hebraïst kwam ik natuurlijk toch vooral voor de rollen zelf en zo kon het gebeuren dat mijn voorhoofd afgelopen zaterdagmiddag met een doffe dreun landde op de bovenste glasplaat die een fragment van Paleo-Leviticus afdekte, zulks ongetwijfeld tot lichte verontrusting van de dienstdoende suppoost.

Mijn ogen zijn inmiddels van middelbare leeftijd. Dat betekent dat ik merkbaar meer licht nodig heb om tekst goed te kunnen zien. Daarnaast kan ik voor het scherpstellen steeds minder vertrouwen op mijn oogspieren en ben ik steeds vaker gedwongen mijn hoofd op de juiste afstand te brengen van het te bekijken object. Bij klein geschreven teksten betekent dat in mijn geval: bril af en zo dicht mogelijk met mijn neus op de tekst.

De Dode Zeerollen zijn rond de tweeduizend jaar oud en geschreven op materiaal dat inmiddels zeer kwetsbaar is. De acht fragmenten in Assen worden dan ook tentoongesteld in een spaarzaam verlichte ruimte en ze moeten door de bezoekers zelf worden verlicht door een knop in te drukken. Alles om het perkament maar zo min mogelijk aan direct licht bloot te stellen. Dat is ook de reden dat er maar acht van de zestien fragmenten te zien zijn: straks hebben die genoeg licht over zich heen gehad en zijn de volgende acht fragmenten aan de beurt.

Paleo-Leviticus is geschreven in lettertjes van zo’n 2 mm groot, iets wat mijn ogen niet trekken op een afstand groter dan 10 cm, zodat ik mij voorover moest buigen, in het halfduister de bovenste glasplaat niet zag – de onderste trouwens wél – en mijn voorhoofd blesseerde. Een klap die mij overigens wel tot enkele inzichten bracht van archeologische aard.

Zo weet ik sinds de klap zeker dat iemand van mijn leeftijd Paleo-Leviticus nooit geschreven kan hebben. De lettertjes zijn zo klein dat er een stel jonge, scherpe ogen voor nodig zijn. En wat voor Paleo-Leviticus geldt, blijkt voor veel Dode Zeerollen te gelden: het schrift is buitengewoon klein en de groep schrijvers moet volgens mij dan ook bijzonder jong zijn geweest. Dat, óf ze hadden verschrikkelijke hoofdpijn.

Een tweede vermoeden moet ik nog testen. Voor het schrijven van een tekst van 2 mm letterhoogte is een zeer dunne lijn nodig. Ik schat hoogstens 0,35 mm, afgaande op mijn ervaring uit de tijd dat ik nog regelmatig een technische tekenpen in handen had. Dat is heel dun. In de tijd van de Dode Zeerollen werden pennen maar van drie materialen gemaakt: riet, veerschacht en metaal. In Qumran, de nederzetting die altijd in verband gebracht wordt met de Dode Zeerollen, zijn geen pennen gevonden, zo meldde de begeleidende teksten op de tentoonstelling. Pennen van riet en veren gaan niet bijster lang mee en je zou verwachten dat afval van afgedankte pennen – of het snijafval – in de droge woestijn wel bewaard blijft.

Ik vraag me bovendien af of je van riet of veerschacht wel pennen kunt snijden die 0,35 mm dik zijn. Ik kan het niet met zekerheid zeggen, maar volgens mij wijst dit op twee mogelijkheden: er werd in Qumran geschreven met metalen pennen, die lang meegingen, ook als ze hele dunne punten hadden. Metaal is duur en wordt dus meegenomen of omgesmolten, dan vind je het ook nauwelijks terug. Dat, óf er werd niet geschreven in Qumran. Dat laatste zou een wel héél interessante ontdekking zijn, maar zoals gezegd: dit vermoeden moet ik nog checken.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Erfgoed, Geschiedenis en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

10 reacties op Klap

  1. Martijn zegt:

    Dag Richard,
    Ik ga binnenkort kijken in Assen en heb mij al vaker verbaasd over het miniatuurschrift van geschriften van vroeger. Ook in ons land werd in een tijd zonder leesbrillen soms enorm klein geschreven, ook door niet meer zo jonge mensen. Heb ooit eens een reisaantekenboekje van een abt van een Groninger klooster in handen gehad; een onleesbaar klein kriebelschrift….
    Als hulpmiddel in musea gebruik ik vanwege slechte ogen een monoculair kijkertje die zó ontworpen is dat je ook dichtbij (tot 30 cm.) kan scherpstellen. In musea is dat erg handig. Niet alleen hoef je niet voortdurend meer te bukken, alles wordt ook vergroot. Firma’s als Eschenbach en Zeiss maken dat soort kijkertjes.

  2. MNb zegt:

    Misschien aan de leesbril dan wel multifocus?

    “de groep schrijvers moet volgens mij dan ook bijzonder jong zijn geweest.”
    Wat is bijzonder jong? De meeste mensen moeten pas na hun 40e aan een leesbril.

  3. Jelle Verburg levert op FB een mooi onderwerp aan voor experimentele archeologie: hoe dun kan je schrijven met pennen van palmblad schachten? Wow!

  4. zoi1 zegt:

    Algemene reactie: vanaf het begin volg ik dit blog. Echter, vanaf 23 oktober komen de emails niet meer binnen op mijn emailadres. Ik heb niets veranderd en inmiddels mijzelf alweer tweemaal aangemeld als volger, maar er komt geen bevestigingsemail binnen om te bevestigen. Waar kan dat aan liggen? Tot aan oktober verliep e.e.a. vlekkeloos.

  5. Martijn, mijn vrouw heeft me ooit zo’n loupe cadeau gedaan. Misschien moet ik die maar eens vaker mee op stap gaan nemen.
    MNb: ik draag al sinds mijn zesde een bril en sinds een jaar of vijf ook met varifocus, maar niets haalt het voor klein gedrukte teksten bij het afzetten van mijn bril en met mijn neus er bovenop gaan zitten. Of de loupe van mijn vrouw…
    Tonni: Ja, er is of FB een hele leuke discussie losgebarsten waarin zelfs Mladen Popovic en Eibert Tigchelaar zich hebben gemengd (ik voel mij zeer vereerd). Zo zijn er in Qumran weliswaar geen pennen gevonden, maar wel inktpotjes. Er werd dus geschreven. Iemand meldde ok nog dat je pennen kunt maken van palmbladeren en ikzelf kan daar papyrusstengels aan toevoegen. Mijn opsomming was niet compleet.
    Zoi1: dat moet ik via WordPress uitzoeken. Het viel mij afgelopen week al wel op dat ik mijn volgers niet meer kon zien. Dus er is technisch gezien wat aan de hand, maar ik weet nog niet wat. Wordt aan gewerkt, even geduld a.u.b. en onze excuses voor het ongemak 🙂

    • MNb zegt:

      “het afzetten van mijn bril”
      Dat herken ik. Sinds een jaar of 8, 10 heb ik ook een varifocus. Dat is erg prettig als ik op het schoolbord moet schrijven of jouw stukjes lees. Maar voor boeken en kranten zet ik nog altijd mijn bril af.

  6. Pingback: God schiep met een satéprikker | Apoftegma

  7. Pingback: Minischrijven | Apoftegma

  8. Martijn zegt:

    Toch nog even een reactie. Het door mij bedoelde kijkertje verschilt hemelsbreed van een eenvoudige loep. Een loep kun je alleen dichtbij het document gebruiken. Het kijkertje vergroot evenveel, maar die kun je op veel grotere afstand van het document houden. Zo kun je ook documenten achterin vitrines lezen, en kun je blijven staan terwijl je leest.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s