Sola Scriptura

kaliefJournalist Marcel Hulspas vond op het internet de open brief van de Council on American-Islamic Relations (CAIR) gericht aan de nieuwe kalief, ondertekend door maar liefst 126 islamitische geestelijken wereldwijd. In die open brief wordt het theologische gedachtengoed van de rebellenclub van de kalief onder vuur genomen op basis van de Koran en de islamitische traditieliteratuur, de twee bronnen waar wat wij ‘islam’ noemen van gemaakt is.

Kort en goed: de fine fleur van de islamitische wereld maakt gehakt van ’s kaliefs denkwereld, draait er deskundig kufte van, bakt ze méér dan bruin en serveert de gehaktballen met een dot pindasaus die dagen later nóg nabrandt. Er blijft werkelijk niets, geen spaan heel van de ideologie van dienst in het nieuwe kalifaat. Marcel Hulspas schreef er een column over in The Post Online en begon die met de volgende zin:

De islam heeft geen adequaat theologisch weerwoord op het agressieve fundamentalisme.

Je moet maar durven, dacht ik eerst, maar toen ik zijn column nog eens rustig doorlas, herkende ik een gedachtegang die eigenlijk heel erg voor de hand ligt. Ik laat Hulspas even aan het woord in drie citaten, die volgens mij zijn idee het beste illustreren:

De Koran bevat glasheldere oproepen tot vreedzaam samenleven, de opdracht om elkaar niet vanwege het geloof in de haren te vliegen maar elkaar te overtroeven in goede daden. Maar ze bevat ook gloedvolle oproepen tot de strijd.

Moslim-fundamentalisten die ‘terug naar de Koran’ willen, zitten met een heilig boek dat twee gezichten kent. Ze kunnen kiezen uit een vreedzame interpretatie van de Koran, waarbij de agressieve verzen beschouwd worden als niet langer relevant. Of ze kiezen voor een interpretatie waarbij ze juist veel waarde hechten aan Gods oproep tot de heilige oorlog – en waarbij ze de vreedzame Koranverzen moeten negeren.

Deze open letter aan IS-leider al-Baghdadi schiet zijn doel uiteraard voorbij. Al-Baghdadi wil immers terug naar het kalifaat. Naar de tijd toen de inkt van de Koran nog nat was, zogezegd. Toen rechtsgeleerden en andere sluwe praters nog geen kans hadden gehad om de islam hopeloos gecompliceerd te maken. In hun preken en commentaren zijn de IS-leiders glashelder: lees de Koran, en niks anders. Daar staat alles in! Meer heeft de IS-strijder niet nodig. En meer heeft hij niet op zak.

Hulspas’ gedachtegang lijkt me ongeveer als volgt te gaan: eerst werd er een Koran geschreven – de inkt was nog nat – en die gaf wel zo ongeveer weer waar moslims in geloven. Later kwamen daar ‘rechtsgeleerden en sluwe praters’ overheen die de islam hopeloos ingewikkeld maakten. Het kalifaat wil terug naar de periode van vóór die ‘sluwe praters’, toen alles nog behoorlijk helder was, omdat er toen alleen nog maar die Koran was. Dat kalifaat kan dus met recht van spreken een beroep doen op de koranische oproepen tot de strijd. De brief van CAIR bedient zich echter van (tot vreedzaamheid leidende) ideeën die pas later door ‘sluwe praters’ zijn bedacht. Die zullen dus geen enkele indruk maken op onze geliefde kalief en zijn clubgenoten.

Die gedachtegang is logisch en voorstelbaar en in die zin zeker niet onzinnig, maar hij lijdt onderhuids aan twee – onterechte – vooronderstellingen: hij is westers en reformatorisch.

Hulspas’ gedachten zijn westers omdat hij ervan uit gaat dat de Koran op enig moment een voltooide tekst was, die vervolgens door de gelovigen werd gebruikt om hun leven zin en richting te geven. Dat is een scenario dat alleen realistisch is in een geletterde samenleving die zijn boeken drukt. De Koran is ontstaan in een samenleving waarin de meerderheid van de bevolking analfabeet was en waarin boeken met de hand moesten worden overgeschreven. In de historische periode die het kalifaat – aldus Hulspas – wil doen herleven, hadden de meeste moslims nog nooit een koran gezien, laat staan gelezen.

De Koran werd vooral oraal overgeleverd onder specialisten. De tekstuele codificatie was daaraan ondergeschikt: niets meer dan een geheugensteuntje voor hen die de tekst toch al uit hun hoofd kenden. Het heeft bijvoorbeeld ongeveer een eeuw geduurd voordat in geschreven Korans verschillende medeklinkers die van hetzelfde letterteken gebruik maakten, konden worden onderscheiden. En pas twee eeuwen later was er een systeem om de klinkers te noteren. De inkt van de Koran – om Hulspas’ prachtige metafoor te gebruiken – is dus in zekere zin nog heel lang nat gebleven en dat geldt niet alleen voor de inkt van de koran.

Die drie eeuwen vormen ook ongeveer de formatieve periode van de islam, waarin rechtsgeleerden en ‘sluwe praters’ – en trouwens niet alleen zij – vorm hebben gegeven aan de islam zoals we die nu kennen. Zij kwamen dus niet ná de koran, ze liepen gelijk op met de codificatie van de Koran. Het zijn ook die rechtsgeleerden en ‘sluwe praters’ die voor het begrip van de Koran gezorgd hebben dat moslims wereldwijd van dat document hebben. De Koran als pure tekst, zonder de omgeving waarin hij is ontstaan, zonder de verhalen er rondomheen, is namelijk een vrijwel onbegrijpelijk verhaal. Niet voor niets wordt door moslimgeleerden wel gezegd dat de Koran de islamitische traditie harder nodig heeft dan andersom.

Het reformatorische sola scriptura (‘alleen de Schrift’) is met andere woorden binnen de islam niet van toepassing. De Traditie is minstens zo belangrijk en in alle mainstream versies van dat geloof is die Traditie dan ook enorm aanwezig. Het was, en is maar een hele kleine groep dissidenten die de Traditie geheel afwijst. De invulling van die Traditie verschilt uiteraard, maar ook in bijvoorbeeld het wahhabisme en het salafisme, ongeveer uit dezelfde hoek als waar het kalifaat uit is voortgekomen, speelt de Traditie een niet te onderschatten rol. De term ‘salafisme’ komt zelfs van salaf, dat zoiets betekent als ‘voorgangers’, waarmee in dit geval de eerste drie generaties van volgelingen van de profeet worden bedoeld. De drie generaties waar – aldus deze invulling van de Traditie – de meest betrouwbare interpretatie van het islamitisch magisterium gevonden kan worden.

Ook onze kalief en zijn vrinden hechten dus grote waarde aan de Traditie, zij het dat de rechtsgeleerden en ‘sluwe praters’ van CAIR er een stuk beter belezen in zijn dan de kalief. Ze springen er ook een stuk virtuozer mee om dan zijne heiligheid. Hulspas’ observatie dat de leiders van het kalifaat zich eenvoudig beroepen op ‘lees de Koran, daar staat het allemaal glashelder in’ duidt dus niet op een overtuiging in de sfeer van het sola scriptura, maar eerder op intellectuele luiheid van de zijde van het kalifaat, waar men geen zin heeft in ingewikkelde discussies met rechtsgeleerden en andere ‘sluwe praters’ die de islam maar hopeloos ingewikkeld maken. Dat staat het echte werk maar in de weg: de hand moet aan de ploeg geslagen, de vinger aan de trekker!

Het – nogal katholieke – punt van het belang van de Traditie voor het juiste begrip van de Schrift kan in dit geval zelfs nog worden uitgebreid: die Traditie en de daarbij horende rechtsgeleerden en ‘sluwe praters’ waren er ook al vóór de Koran. Het Midden Oosten was al millennia lang een zee van verhalen waaruit mensen hun inspiratie putten. Verhalen werden hergebruikt, veranderd, omgekeerd en becommentarieerd. Op gezette tijden besloot een groep de meest inspirerende teksten bij elkaar te bundelen. Zo zijn de Thora, de Tenach en het Nieuwe Testament ontstaan en een hele bibliotheek aan joods en christelijk buiten-bijbels materiaal.

De Koran is ook zo’n bundel verhalen die functioneerde in datzelfde proces van hergebruik, verandering, omkering en commentaar van en op verhalen. Op één plek verwijst de Koran zelfs expliciet naar dat document voor ‘sluwe praters’ bij uitstek: de Talmoed. En verder bestaat de Koran uit één grote aaneenschakeling van verwijzingen naar bij het publiek al bekende verhalen en discussies van ‘sluwe praters’. Die waren er eerst, de Koran kwam pas later en vormt, net als al die andere heilige en minder heilige geschriften, een neerslag uit die zee van verhalen van een bepaald moment, door een bepaalde groep en met een bepaalde pointe.

Er was dus niet eerst een ‘maagdelijke’ tekst die later door ‘sluwe’ praters van hopeloos ingewikkelde uitleg is voorzien. Die uitleg was er al en was al hopeloos ingewikkeld voordat die tekst er kwam.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Koran, Politiek, Religie en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

4 reacties op Sola Scriptura

  1. Marcel Hulspas zegt:

    De gedachtengang die hier de mijne wordt genoemd is de gedachtegang van IS. De opmerking: ‘Dat kalifaat kan dus met recht van spreken een beroep doen op de koranische oproepen tot de strijd.’ is niet de mijne. Wat ik geschreven heb (duidelijk genoeg, meen ik) is dat de redenering der theologen voor IS irrelevant is, en dat fundamentalisten bij een roep ‘terug naar de Koran’ voor een fundamentele keuze staan.

    • Zo had ik het ook wel begrepen hoor, maar dan klopt het toch? Als de mening van de theologen irrelevant is, dan kan het kalifaat – in eigen ogen, inderdaad – toch met recht een beroep doen op wat er aan gedachten overblijft?
      Mijn punt was juist dat de redenering van de theologen voor het kalifaat onmogelijk irrelevant kán zijn: ze beroepen zich beide op koran én traditie. Zou de kalief zich gaan rekenen tot de club moslims die uitsluitend de koran als openbaringsbron accepteert, dan zou het zelfs voor de meest fundamentalistische moslim kristalhelder zijn dat hier een club aan het woord is die nauwelijks of eigenlijk helemaal niet tot de orthodoxie gerekend kan worden. In zekere zin zou dat zelfs wenselijk zijn, want dan waren we accuut van het probleem van de Syriegangers af. Maar realistisch is die verwachting niet.
      Overigens gaat mijn blogpost voornamelijk over je ‘rechtsgeleerden en sluwe praters’. Ik vond hem té leuk om er niet op te reageren.
      Dat fundamentalisten voor een fundamentele keuze zouden staan als ze ‘terug naar de koran’ gaan roepen, lijkt me duidelijk (maar feitelijk erg onwaarschijnlijk). Alleen heb ik dat in je column niet zo herkend. Kan aan mij liggen hoor,

  2. Pingback: Inhoudsloos | Apoftegma

  3. Pingback: Het schip der redding | Apoftegma

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s