Cordoba 851 – 852

Cordoba_Mosque_07In een vorige blogpost schetste ik de martelaarsdood van Perfectus als tegenstelling met de zelfgezochte dood van Isaac. Beide heren stierven medio negende eeuw als gevolg van een vonnis van het islamitische bewind in Cordoba, Spanje. Beiden stierven wegens blasfemie, maar waar Perfectus erin werd geluisd en aanvankelijk trachtte aan zijn dood te ontkomen, zocht Isaac die bewust op. Toch zijn beiden opgenomen in de lijst van wat later de ‘Cordobaanse martelarenbeweging’ is gaan heten, Perfectus als heilige, Isaac niet.

Er zijn meer verschillen tussen de leden van die beweging, die het verhaal een stuk complexer maken. Van de 61 gevallen die we kennen van gerechtelijk omgebrachte christenen, zijn er 39 veroordeeld voor blasfemie, het beledigen van de profeet of de islam of beide. Daarvan weten we zeker dat 31 zichzelf bij de autoriteiten aangaven, 4 gevallen gaven zichzelf zeer waarschijnlijk ook aan, van 2 is dat onbekend en 2 werden door anderen aangegeven, waaronder Perfectus.

De tweede was Joannes, een christelijke marktkoopman die bij het aanprijzen van zijn waar de naam van de profeet ijdel gebruikte en daarvoor in de jaren twintig van de negende eeuw – dus ruim vóór Perfectus en Isaac – in het openbaar gegeseld werd en in 852 in ieder geval nog in de gevangenis zat, waar hij contact had met andere martelaren, waaronder onze bron Eulogius. Joannes is de enige op de lijst die niet ter dood gebracht is. Officieel wordt hij ook niet bij ‘de beweging’ geteld.

Een fors deel van de groep (13) betrof mensen die ter dood werden gebracht wegens afvalligheid. Daarvan gaven vijf zichzelf aan. Eind 851 als eerste ene Flora, die een fraaie illustratie vormt van de problemen waar de Spaanse samenleving onder islamitisch bestuur mee te maken kreeg.

Het islamitisch recht is wat betreft de bepaling van iemands religie schokkend eenvoudig. Wie zich ooit in het bijzijn van twee getuigen heeft bekeerd tot de islam is moslim en wie een islamitische vader heeft, is moslim. Dat principe is op geen enkele wijze aangepast aan een samenleving waar de gemiddelde levensverwachting een stuk lager ligt dan nu én waar meerdere religies naast elkaar leven.

Flora’s moeder was christelijk en haar vader moslim. Zo’n huwelijk is binnen de sharia toegestaan (andersom niet). Flora’s vader stierf echter toen Flora nog jong was en zo werd ze christelijk opgevoed. Formeel was ze dus een afvallige. Daarom verliet ze uiteindelijk haar huis om bij een christelijke familie buiten Cordoba te gaan wonen. Ze zou daar haar leven als low-profile christen waarschijnlijk makkelijk geleid kunnen hebben, maar het probleem was haar broer: die was ouder, en moslim, en invloedrijk.

Door druk uit te oefenen op de christelijke gemeenschap dwong hij Flora terug te keren naar Cordoba. Toen het hem niet lukte van haar een moslim te maken, droeg hij haar aan de autoriteiten over. Flora verdedigde zich tegen de aantijging van afvalligheid door te stellen dat ze van jongs af was opgevoed als christen en ook altijd christen was geweest. Dat was een belangrijk punt dat door islamitische rechtsgeleerden ook werd erkend. Wie voor zijn zevende jaar was opgevoed in het christelijke of joodse geloof werd erkend als jood of christen, ook als de vroeg overleden vader moslim was geweest.

Het argument overtuigde de autoriteiten niet. We hebben geen idee waarom. Flora werd gegeseld en onder de voogdij van haar broer geplaatst. Dat was doorgaans de procedure: een afvallige mocht niet meteen terecht worden gesteld. De rechter moest eerst proberen de afvallige weer terug te krijgen in de schoot van de heilige moederkerk het geloof. Aanvankelijk natuurlijk met overredingskracht, maar desnoods met bedreiging. Eigenlijk was de rechtsgang erop gericht een doodvonnis te voorkomen.

Eenmaal hersteld, liep Flora echter weg. Enige tijd later kwam ze terug en gaf zichzelf aan, samen met een christelijke non, Maria. Dat was de zus van een paar maanden eerder ter dood veroordeelde man die zichzelf aangaf en ter dood werd gebracht voor blasfemie. Maria volgde nu zijn voorbeeld. In oktober of november 851 werden beide dames terechtgesteld, Maria voor blasfemie, Flora voor apostasie.

Enkele maanden later volgden vier andere afvalligen die zichzelf aangaven. Het waren twee echtparen: Aurelius en Sabigotho, en Felix en Liliosa, die elkaar kenden en alle vier hun leven op het schavot eindigden op 27 juli 852. Van die vier was Felix nog het minst ingewikkelde geval: hij was geboren en opgevoed als christen, had zich bekeerd tot de islam en had daar spijt van gekregen. Naar islamitisch recht is dat apostasie.

De andere drie waren – formeel – moslims, maar tot het christendom bekeerd. Aurelius was een wees uit een gemengd huwelijk die als moslim was opgevoed door een tante, maar zich om onduidelijke redenen aangetrokken voelde tot het christendom. Hij werd door familie gekoppeld aan een goed islamitisch meisje, Sabigotho. Haar moeder was na de dood van haar vader hertrouwd met een heimelijk christen, die ervoor had gezorgd dat zowel moeder als stiefdochter heimelijk christen werden. Liliosa tenslotte was de dochter van twee heimelijke christenen.

Beide echtparen bereidden hun actie grondig voor. Ze verkochten al hun bezittingen, regelden dat hun kinderen ergens werden ondergebracht, vastten en deden boete alvorens ze zichzelf aangaven. De beide dames liepen ongesluierd een kerk binnen – christelijke vrouwen hadden het recht niet om een hoofddoek te dragen – en werden zo herkend als afvallige moslims, kennelijk door bekenden. De beide heren wachtten thuis op hun eigen arrestatie, die onherroepelijk volgde. De vier werden vergezeld door een monnik uit Palestina, ene Georgius.

Tekenend voor de situatie was dat Georgius erg zijn best moest doen om gelijk met hen op het schavot te eindigen. Waar de twee echtparen afvallige moslims waren, werd Georgius tot tweemaal toe over het hoofd gezien en moest hij aan het blasfemeren slaan – bij de arrestatie én daarna nog eens bij de rechter – om zich van een wisse dood te verzekeren.

In een volgende blogpost schets ik nog één geval dat het nog gekker maakt en ga ik in op de problemen die we hebben met de enige bron die ons al deze verhalen gaf: de Heilige Eulogius.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geschiedenis, Religie, Samenleving en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op Cordoba 851 – 852

  1. Pingback: Cordoba 857 – 859 | Apoftegma

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s