Intimidatie

Al jaren heb ik het vermoeden dat tramchauffeurs in ons dorp er aparte methodes op na houden jegens hun medeweggebruikers, en dat ze dat ook op rijles wordt geleerd. Ik heb te vaak trams op hoge snelheid op (vooral) auto’s op hun baanvak in zien rijden, om pas op het allerlaatste moment en hevig rinkelend op de rem te gaan staan, aldus de indruk wekkend dat er een bijna-ongeluk was gebeurd en het – ook na stilstand aanhoudende – gerinkel ook terecht werd gebruikt om direct levensgevaar af te wenden.

Ik heb het ook  te vaak zien gebeuren in situaties waarin de tram van ver moest komen, de blokkerende auto al lang van te voren en goed zichtbaar was, en een gewone automobilist zou anticiperen door zijn snelheid te verlagen om zo de in de weg staande auto de tijd te geven te vertrekken zonder noemenswaardige consequenties. Een vermoeden was het, omdat ik me nauwelijks voor kon stellen dat tramchauffeurs zoiets wordt geleerd. Sinds afgelopen week weet ik het echter zeker.

Toneel is een eindhalte van een drukke tramlijn, opgezet met een uitstaphalte en een instaphalte, die in elkaars verlengde liggen op ruim dertig meter afstand van elkaar. Op zeven meter verder van de tramstopstreep van de instaphalte is een oversteekplaats voor voetgangers. Voor wie dat weten wil: een tram is ongeveer negenentwintig meter lang. Dat is allemaal keurig na te meten op Google Earth.

De tram die ik wilde nemen, sloot zijn deuren vlak voor mijn neus en reed weg. Bij ons in het dorp is dat zó verschrikkelijk normaal, dat niemand zich er nog over opwindt. Dat doen we niet omdat we wel eens de indruk hebben dat tramchauffeurs het met opzet doen, en we gunnen ze hun lol niet. Het zou trouwens ook wel eens kunnen zijn dat hier confirmation bias een rol speelt. Het was deze keer overigens wel héél schielijk: een fractie van een seconde later en ik had met mijn hand of voet klem gezeten in de tramdeur.

Waar zeker geen confirmation bias een rol speelde, was een kwartier later, toen de volgende tram keurig op de uitstaphalte zijn passagiers afleverde, op de instaphalte af reed en dóór reed. Leeg, een passagier of veertig, vijftig achterlatend. Zo lang als ik in ons dorp woon, heb ik dat één keer eerder meegemaakt en dat was een chauffeur die niet zat op te letten. Ik tel de trams met ‘Sorry, geen dienst’ op het voorhoofd uiteraard niet mee.

Hier was geen bestuurder aan het slapen: de tram minderde vaart – om de indruk te wekken dat hij ging stoppen en/of om geen ongelukken te veroorzaken – en reed langzaam maar beslist door. Alleen het digitale informatiebord hield nog even vol dat er een tram voor stond om in te stappen, maar ook dat moest zich uiteindelijk neerleggen bij de feiten.

Weer een kwartier later was daar de derde tram. Ikzelf stond inmiddels op de voetgangersoversteekplaats, in het duidelijke en volle zicht van de bestuurder en ruim voorbij de plek waar de tram zou moeten stoppen.

Bij het optrekken zette deze derde tram een rinkelen in dat niet beperkt bleef tot het – zeer functionele – ‘jongens ik ga rijden’-rinkeltje, maar dat zich de volle 32,5 meter voortzette, en nog een paar meter meer, want de tram kwam pas rinkelend tot stilstand op een punt ruim voorbij waar de tram normaal gesproken stopt. Passagiers op de halte schrokken van het ongeluk dat in hun ogen op het punt stond te gebeuren, zo overtuigend was de rijstijl van de bestuurder.

Ik zal u de schrik en het verdere verloop van de discussie met de chauffeur besparen. Dat was de naam niet waard. Laat ik het houden bij de samenvatting dat ’s mans uitingen van verontwaardiging niet misstonden in de plaatselijke dorpscultuur. Die van mij hielden zich keurig aan de regels die ik van mijn moeder heb geleerd. Dan ben je wel behoorlijk in het nadeel trouwens.

Eén ding wil ik u echter niet onthouden. Toen de man hoorde van het moedwillig niet vervoeren van klanten door zijn twee voorgangers, bracht hij daar tegenin: ‘Dat is een dienstregeling die gereden moet worden!’

Ik vind het oprecht knap en bewonderenswaardig – en dat méén ik – wanneer iemand zoiets in volle ernst kan zeggen, zonder spontaan en keihard in de lach te schieten.

Dit bericht werd geplaatst in Mijzelf, Samenleving en getagged met , , , , . Maak dit favoriet permalink.

4 reacties op Intimidatie

  1. ras400517317 zegt:

    Bij ons thuis worden de mensen voorop de trams bestuurders genoemd. En als ze over de schreef gaan, kan je een klacht indienen bij de directie van het trambedrijf. Die worden serieus behandeld.

    • Gewetensvraag: als mijn vermoeden klopt, dan zal een klacht slechts tot een compliment leiden, klopt mijn vermoeden niet, dan is er heel wat anders aan de hand. Het schijnt dat tram- en buschauffeurs in ons dorp behoorlijk beboet worden als ze niet exact op tijd rijden. Hun gedrag wordt dan veroorzaakt door het management, en ga daar maar eens een klacht tegen indienen in deze tijden van ‘eigen verantwoordelijkheid’.

  2. FrankB zegt:

    Toen ik enige decennia geleden in het durp studeerde (ik woonde in de buitenwijk Zaandam en fietste in de mooie maanden) was het al zo. Trams en taxi’s heersen in het verkeer.

  3. ras400517317 zegt:

    Ik zou in voorkomend geval toch een klacht indienen. Wellicht gericht aan Afdeling Juridische Zaken. Niet geschoten is altijd mis.

Reacties zijn gesloten.