Déja vu

De geweldige crisis van de laatste weken, die Europa aan de rand van de oorlog heeft gebracht en waarvan het gevaar, nu wij dit schrijven, nog allerminst is geweken, kan onder verschillende aspecten beschouwd worden. Men kan haar zien als de jongste phase van het proces, dat men zou kunnen noemen de liquidatie van Versailles. Of, anders gezegd, als een van de meest critieke momenten in de groei van het nieuwe Duitsland tot een macht, die de hegemonie over Midden- en Oost-Europa wil en misschien ook zal kunnen bereiken. Men kan de huidige crisis ook beschouwen als een ogenblik van beklemmende spanning in de ideologische worsteling tussen nationaal-socialisme of fascisme en democratie, waarbij de Tsjechoslowaken een hopeloos geïsoleerde stelling innemen, ver van de democratische basis-positie in West- en Noord-Europa. Maar tenslotte kan men de crisis zien bij het licht der eeuwen, als het jongste bedrijf in de strijd tussen Tsjechen en Duitsers, die eigenlijk reeds meer dan duizend jaren oud is. Het is dit laatste aspect, dat in de talloze rede’s en beschouwingen in de dagbladen uiteraard het minst tot zijn recht komt. Wel hoort men nu en dan uit officiële Duitse mond historische argumenten als bijv.: de Tsjechen zijn een „volk zonder cultuur”, „men weet niet eens waar zij vandaan komen”, „een tweederangs volk”, „een intellectueel inferieur handjevol, dat rassen als Duitsers, Polen en Hongaren met duizendjarige cultuur achter zich, overheerst”. Maar over dergelijke uitspraken zou de terzake kundige, die weet, dat bijv. in de 15e eeuw de Tsjechische taal en cultuur in Polen en in Hongarije aanmerkelijke invloed hadden, alleen maar kunnen lachen, als hij zich niet bewust was van het grote gevaar van dit kweken van haat en minachting en van het ontstellend verval van beschaving, dat blijkt uit zulke woorden van de leiders van een volk, dat terecht op eigen cultuur prat gaat. Het zou eigenlijk overbodig zijn ook maar een regel hieraan te wijden, ware het niet, dat – gelijk mijzelf gebleken is – serieuze Nederlandse intellectuelen zich door dergelijke uitlatingen van Duitse zijde nog laten imponeren.

Dit is het begin van de inleiding van een dun (39 pagina’s) boekje getiteld Tsjechen en Duitsers in de loop der eeuwen, geschreven door Dr. Th. J.G. Locher, uitgegeven bij P.N. van Kampen & Zoon N.V. te Amsterdam en gedateerd op 25 september 1938. dan weet u natuurlijk meteen: dit is de tijd van de Conferentie van München.

Ik trof het aan in de weggeefkast bij ons om de hoek en besloot het mee te nemen. Het is een aardig en leerzaam werkje, maar vooral die eerste paragraaf maakte indruk: dit ken ik.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geschiedenis, Samenleving en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

2 reacties op Déja vu

  1. FrankB zegt:

    “de Tsjechoslowaken een hopeloos geïsoleerde stelling innemen”
    Locher was toch niet helemaal op de hoogte van de feiten. Het Tsjechoslowaakse leger was het sterkste van heel Centraal-Europa (inclusief Duitsland) en de verdedigingslinie in het Harzgebergte (dwz Sudetenland) reduceerde de Franse Maginot-linie tot een vergiet. Los van het ethische aspect (democratieën moeten elkaar niet in de steek laten) was München een geallieerde blunder van de hoogste orde. De Weermacht zou er een veel hardere dobber aan hebben gehad dan driekwart jaar later tegen Polen.
    Polen lag uiteraard nog wat verder van die democratische basis.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.